Drie recensies:
1) Ad van der Hulst www.adjustintime.nl
2) HR praktijkblad België
3) Drs. E. Gankema, Human Capital Group
1) Recensent: Ad van der Hulst
|
Boekbespreking 'Aan de slag met levensfasenbeleid' (maart 2010)
2) Recensent: Koen Vertessen. Levensfasenbeleid, niet wachten op de laatste druppel Levensfasenbeleid is een nieuw begrip. Zo nieuw dat mijnheer Van Dale het nog niet in zijn nieuwste editie heeft opgenomen en de spellingscorrector alleen het enkelvoudige levensfasebeleid erkent. Hoe dan ook ‘iedere leeftijdsfase heeft zijn eigen kenmerken. Dertigers willen alles tegelijk: een leuke baan, een leuke partner, kinderen, sporten, naar films en theater, met vrienden uit en op vakantie. Ze willen niks missen en alles moet perfect zijn. Veertigers krijgen twijfels over wat ze beweegt in het leven en vijftigers staan weer anders in het leven. Kortom: een mens doorloopt gaandeweg zijn levensfasen en elke leeftijdscategorie kent zijn eigen globale kenmerken en problemen’. Het is nuttig als een organisatie hiermee rekening houdt. Anieta Scholten vindt terecht dat managementopleidingen en opleidingen voor personeelsadviseurs opvallend weinig aandacht besteden aan de kenmerken van de levensfasen en de relatie met het werk. Als er al aandacht aan wordt besteed, zegt ze, gaat het meestal over de oudere werknemer en hoe je die met allerlei kunstgrepen kunt behouden of kwijtraken. De beeldvorming van oudere medewerkers wordt - vooral door leidinggevenden – negatief ingevuld. ‘Zij zorgen ervoor dat het beeld dat ouderen minder presteren en niet meegroeien met de moderne ontwikkelingen, in stand wordt gehouden. Leidinggevenden die de productiviteit van ouderen laag inschatten doen dit meestal op subjectieve gronden. Wetenschappelijke onderzoeken weerleggen diverse vooroordelen. Zo zijn oudere werknemers juist productiever dan jongere werknemers. Ze zijn vaak breder inzetbaar en beschikken over een groter oplossend vermogen’. Aandacht voor elke leeftijdsfase Een personeelbeleid dat inspeelt op de problematiek van 45-plussers is hard nodig, vindt de auteur, maar de medewerkers op een goede wijze begeleiden in de levensfasen die daaraan vooraf gaan is nog belangrijker. Tevredenheidsonderzoeken tonen keer op keer dat medewerkers zich prettig voelen op hun werk als ze tussen mensen werken waarmee ze het gezellig hebben. Een sfeer van vertrouwen, goede samenwerking, een baas die aandacht heeft voor de medewerkers en het werk dat wordt gedaan, zijn belangrijke voorwaarden. het team is vaak de belangrijkste bindende factor. Geld, bonussen of reisafstand hebben een minder bindende werking. Kort gezegd: er wordt goed werk verricht als medewerkers het werk en de sfeer als prettig ervaren. Daarom is het cruciaal dat het beleid rekening houdt met de verzuchtingen van de verschillende leeftijdsgroepen. Effecten van veroudering Bijna een derde van het boek gaat naar een beschrijving van de diverse leeftijdsfasen. Scholten doet het op een manier die doet denken aan Eric Erikson die meer dan veertig jaar geleden zijn stadia in de psychologische ontwikkeling beschreef, met algemene kenmerken, fysieke kenmerken en de weerslag van dit alles op de werksituatie. Telkens schetst de auteur op welke manier het personeelsbeleid op elke specifieke fase kan inspelen. Achtereenvolgens komen de fasen 15-25, 25-35, 35-45, 45-55, 55-65 jaar ter sprake. Soms onderbreekt ze zichzelf om verhelderende voorbeelden te geven of casussen beknopt uit te schrijven. Aan het einde van dit hoofdstuk staan enkele bladzijden over veroudering in het algemeen. Ze maakt een onderscheid tussen somatische veroudering, psychologische veroudering en sociale veroudering en presenteert nog kort de ‘ervaringsconcentratie’ van professor Thijsen. Van ervaringsconcentratie is sprake wanneer iemand (dikwijls specialisten) lange tijd dezelfde functie vervult en geleidelijk aan steeds meer weet over steeds minder. Ervaringsconcentratie leidt ertoe dat de loopbaan van de medewerker een duidelijk plafondeffect vertoont: hij komt niet hoger dan zijn huidige baan of niet hoger dan de top van de afdeling. Wachten op de laatste druppel Een ander fenomeen dat rechtstreeks verbonden is met ouderwordende medewerkers is het Gegeneraliseerd Verouderingssyndroom (GVS). Het komt in diverse levensfasen voor. GVS is een situatie van angst en uitzichtloosheid. Het emotionele reservoir is vol en wacht op de laatste druppel. GVS leidt tot onvoorspelbare en hevige aanvallen van diffuse angst, verdriet, chronische vermoeidheid, hoofdpijn en verschillende andere somatische klachten. De betrokkene is zich veelal niet bewust van de oorzaken. Het kan gaan om een gebrek aan overleg met collega’s, een gebrek aan ondersteuning door de leidinggevende, weinig betrokken worden bij algemene procedures, geconfronteerd worden met statusverlies of dergelijke. Ook hier geeft de auteur richtlijnen voor een zinvolle ondersteuning aan. Gedistribueerde verantwoordelijkheid In het laatste deel belicht Scholten de rol van elke partij; de medewerker zelf, de leidinggevende en de personeelsdienst. Zij wijst elke partij op haar verplichtingen en distribueert de verantwoordelijkheid over diverse actoren. Ongeacht welke situatie de medewerker zich bevindt, hij blijft verantwoordelijk voor opdrachten, engagement en finaal voor de ontwikkeling van zijn eigen loopbaan. Ook voor leidinggevenden overloopt Scholten de diverse verantwoordelijkheden en hangijzers. De afdeling P&O tenslotte is van grote betekenis voor het formuleren, invoeren, begeleiden en evalueren van een levensfasenbeleid. Foto’s en films Ondertussen geeft Scholten ook praktische adviezen. Zij beschrijft hoe het er in haar organisatie aan toe gaat. Een groep is per definitie een dynamische entiteit. Om hierop vat te krijgen maakt elk afdelingshoofd jaarlijks een mentale groepsfoto van zijn team. Het is de bedoeling dat hij alle medewerkers in kaart brengt met al hun leeftijdsspecifieke en persoonlijke kenmerken en daarna de groepsdynamiek beschrijft, inclusief ieders rol daarin. Dat hele verhaal wordt een plan hoger getrokken en samen met het management wordt gekeken wat eraan kan worden gedaan om het groepsproces te verbeteren. Het afdelingshoofd wordt dan uitgedaagd om van de afdelingsfoto een actiefilm te maken. Hij moet nagaan wat hij kan ondernemen om het proces op de juiste koers te houden of in de juiste richting te sturen. Vandaar de ondertitel ‘van afdelingsfoto naar actiefilm’. Uitgeverij en auteur De kans dat u uitgeverij De Gezonde Balans kent is niet zo groot. Dit is namelijk het eerste boek dat zij publiceerde. Eind vorig jaar is er ook nog een tweede werk verschenen. Anieta Scholten-Wittingen is hoofd Personeel en Organisatie in het verpleeghuis en reactiveringscentrum Regina Pacis in Arnhem. Deze organisatie heeft de P&O-proffieprijs 2005 gewonnen, misschien een wat vreemde benaming voor het meest succesvolle personeelsmanagement van Nederland. Door haar pro-actief beleid slaagde zij erin het ziekteverzuim van 11 % in 2000 terug te brengen naar 5 % in 2006. Dat scheelt naar eigen zeggen op jaarbasis minstens 800 000 EUR. Centraal thema: Levensfasen Doelgroep: Management Beoordeling: ‘Aan de slag met levensfasenbeleid’ is een geslaagd en welgekomen boek dat deze onderschatte en onderbelichte thematiek op een interessante manier onder de aandacht brengt. Het boek tilt ‘levensfasen’ boven het niveau waarop het meestal wordt geplaatst; de oudere medewerker. Het gaat hier eveneens over de verschillen tussen iemand van twintig, dertig of veertig jaar. Dat de auteur er in slaagt deze materie op een bevattelijke én beknopte manier te presenteren is een belangrijk pluspunt. Scholten schrijft sober en efficiënt. Dit is een zeer aanbevelenswaardige uitgave. Anieta Scholten Aan de slag met levensfasenbeleid, van afdelingsfoto naar actiefilm. Tweede druk, uitgeverij de Gezonde Balans. ISBN 90 809527 29, 2006, 128 blz., 19.95 EUR.
3) Recensent: Drs. E. Gankema
|
|
